Dayser aankondiging 2

9 september 2026

Nederland laat zien waar Europa naartoe gaat. En daar ligt de kans.

Waarom laadinfrastructuur uitgroeit tot een van de aantrekkelijkste categorieën binnen de energietransitie.

Wie in Nederland elektrisch rijdt, denkt nauwelijks nog na over laden. Je auto staat aan de paal voor de deur, op de parkeerplaats bij kantoor, of bij het hotel waar je overnacht. Dat is precies hoe het hoort te werken. En het is ook precies waarom laadinfrastructuur op dit moment zo een interessante investeringscategorie is, moet in de rest van Europa nog gebouwd worden.

Europa bouwt in recordtempo

De cijfers zijn indrukwekkend. Eind 2025 telde de Europese Unie ongeveer 1,1 miljoen publieke laadpunten, vijf keer zoveel als in 2020 (Transport & Environment, 2026).

Die groei is geen toeval. De Europese AFIR-verordening verplicht lidstaten om minimaal 1,3 kilowatt aan publiek laadvermogen beschikbaar te hebben per volledig elektrische auto in het nationale wagenpark. de EU als geheel zit ruim boven het vereiste minimum (Transport & Environment, 2026). De infrastructuur loopt op dit moment vóór op het aantal elektrische auto's, en dat is een gezonde uitgangspositie.

Ook geografisch vordert het snel. Langs het TEN-T-kernnetwerk moet elke 60 kilometer een snellader van minimaal 150 kW staan; in juni 2026 voldeed 79 procent van dat netwerk aan die eis. Voor het bredere Comprehensive-netwerk haalden 20 van de 27 lidstaten hun doelstelling voor 2027 anderhalf jaar voor de deadline (Transport & Environment, 2026).

Nederland als bewijs dat het model werkt

Nederland is het beste bewijs. Met ongeveer 210.000 publieke laadpunten eind 2025 heeft ons land er meer dan elk ander Europees land. Duitsland volgt met 196.000 en Frankrijk met 185.000 (International Energy Agency, 2026). Voor een land van deze omvang is dat een opmerkelijke positie.

De dekking is inmiddels bijna compleet. De meeste NAL-regio's bereikten in 2025 een dekkingsgraad van ongeveer 90 procent, en in de vier grote steden is die 100 procent (Nationale Agenda Laadinfrastructuur, 2026). De opgave verschuift van "overal een paal" naar "genoeg palen op de juiste plek".

En de vraag blijft groeien. In 2026 was 37 procent van alle nieuw verkochte personenauto's in Nederland volledig elektrisch, en bij lichte bedrijfsvoertuigen zelfs 80 procent (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, 2026). Elke nieuwe elektrische auto is een nieuwe laadklant.

Het meest veelzeggende cijfer zit echter niet in de openbare ruimte. Nederland telt inmiddels 863.374 thuislaadpunten, een toename van ruim 185.000 in één jaar. In diezelfde periode kwamen er in de publieke ruimte zo'n 28.200 laadpunten bij (Solar & Storage Magazine, 2026). Mensen laden het liefst daar waar hun auto toch al staat.

Laden gebeurt waar mensen tijd doorbrengen

Snelladen langs de snelweg krijgt de meeste aandacht, maar het is niet waar het gros van de kilowatturen wordt geleverd. Het overgrote deel van het laden gebeurt op plekken waar mensen sowieso langere tijd verblijven: thuis, op kantoor, bij het hotel, in de parkeergarage van het ziekenhuis.

Voor dit zogeheten destination charging is de business case wezenlijk anders dan voor snelladers. Een DC-snellader vraagt een zeer hoge investering per laadpunt, een zware netaansluiting en dure elektriciteit, terwijl de laadsessies kort zijn en de bezetting vaak nog beperkt. Een AC-laadpunt op een bestemmingslocatie kost een fractie daarvan, heeft een eenvoudigere netaansluiting nodig en wordt urenlang achtereen gebruikt door iemand die er toch moest zijn.

Waar de groei nu zit: Duitsland

Duitsland is de grootste EV-markt van Europa, met 2.034.260 volledig elektrische personenauto's per 1 januari 2026 en een groei van 23,2 procent in één jaar (Kraftfahrt-Bundesamt, 2026). De Duitse overheid heeft laadinfrastructuur tot prioriteit verheven: het doel is één miljoen publiek toegankelijke laadpunten in 2030 (Bundesministerium für Digitales und Verkehr, 2022), en met het Masterplan Ladeinfrastruktur 2030 kwamen daar programma's bij voor laadpunten in appartementencomplexen, op bedrijfsterreinen en langs snelwegen (Bundesregierung, 2025).

Hoe zo'n uitrol er in de praktijk uitziet

Een goed voorbeeld is Dayser, een Europese charge point operator met Nederlandse roots die zich richt op destination charging in Duitsland.

Dayser plaatst laadinfrastructuur bij hotels, ziekenhuizen, kantoren en bedrijventerreinen, met gemiddeld vier tot acht laadpunten per locatie. Het bedrijf beschikte eind 2025 over zo'n 120 AC-laadpunten in Duitsland en wil doorgroeien naar 3.000 laadpunten in 2030, deels door nieuwe locaties te ontwikkelen en deels door bestaande portefeuilles over te nemen.

Deel dit bericht

Nieuwsbrief

Ontvang nieuwe investeringsprojecten als eerste, plus onze achtergrondartikelen over de ontwikkeling van duurzame energie en verstandig investeren. Maximaal 15 keer per jaar. Afmelden kan altijd.

(Al +18.500 mensen gingen je voor en ontvangen onze nieuwsbrief)